menu Sluit het hoofdmenu

Anatomie bij CVI

De informatie over de beelden waarnaar we kijken, wordt door de ogen via de visuele banen doorgegeven aan de primaire visuele schors. Bij CVI kunnen deze visuele banen verstoord zijn.

Een afbeelding van de hersenen met de ventrale stroom en de dorsale stroom

Na de verwerking in de primaire visuele schors worden er vanuit een functioneel oogpunt er twee stromen, ook wel netwerken genoemd, onderscheiden: een ventrale stroom die uitmondt in de inferotemporale schors en een dorsale stroom die loopt naar de posterior pariëtale cortex.

De temporale schorsgebieden (ventrale stroom) spelen een rol in bewuste waarneming, herkenning en begrip van de visuele wereld. Ventrale netwerkproblemen uiten zich in een gestoord visueel geheugen en problemen in de herkenning van gezichten, mimiek, voorwerpen en symbolen. Ook kan er sprake zijn van een verstoorde oriëntatie, zowel in een bekende als onbekende omgeving.

De pariëtale schorsgebieden (dorsale stroom) spelen een belangrijke rol in de voornamelijk onbewuste verwerking van visueel-ruimtelijke informatie. 

Schade aan het dorsale netwerk leidt tot gestoorde visuele aandacht, problemen in het omgaan met complexe visuele situaties en stoornissen in bewegen in de driedimensionale ruimte.

De visuele banen

De visuele banen geven de elektrische signalen van het netvlies van het oog door aan verschillende hersengebieden. De visuele banen bestaan uit de oogzenuw (nervus opticus), de kruising van de oogzenuwen (chiasma opticum), de tractus opticus, het corpus geniculatum laterale, de radiatio optica en de visuele schors.

afbeelding van de visuele banen