menu Sluit het hoofdmenu

Blind zijn of worden

Mensen met een visuele beperking kunnen blind of slechtziend zijn. In Nederland zijn meer dan 75.000 mensen blind en dit aantal neemt in de komende jaren waarschijnlijk alleen maar toe omdat we steeds ouder worden.

Totaal blind, blind of maatschappelijk blind

De Wereldgezondheidsorgansiatie (World Health Organization, WHO) hanteert de volgende definities voor blindheid:

  • Totaal blind: geen lichtwaarneming
  • Blind: tussen lichtperceptie en een gezichtsscherpte tot 0.02 (2%)
  • Maatschappelijk blind: gezichtsscherpte tussen de 0.02 (2%) en 0.05 (5%)

Soms is de gezichtsscherpte nog wel goed, maar is er een (ernstige) beperking in het gezichtsveld (bijvoorbeeld kokerzien).  Als iemand minder dan 10% in zijn of haar gezichtsveld ziet,  dan spreken we ook van (maatschappelijke) blindheid.

Mogelijke oorzaken van blindheid

De oorzaak van blindheid kan liggen in de ogen, de oogzenuw of de hersenen. De redenen waarom iemand blind is of wordt, kunnen verschillend zijn. Er kan sprake zijn van:

  • Aangeboren blindheid
  • Een erfelijke afwijking aan een oog of de ogen
  • Acute blindheid na een ongeval of een val op het hoofd, waarbij  bijvoorbeeld niet aangeboren hersenletsel (NAH) optreedt
  • Shock of een ziekte, met tijdelijke blindheid als gevolg
  • Ouderdom

Blind zijn of blind worden? Hulpmiddelen

Blind zijn of blind worden vergt veel aanpassing van mensen. Dagelijkse bezigheden zoals kleding uitzoeken, stofzuigen of met de trein reizen, kosten vaak meer moeite en energie. Hulpmiddelen kunnen de dagelijkse activiteiten tijdens het werk, op school of in de vrije tijd wat gemakkelijker maken. U kunt hierbij denken aan voorleesapparaten, loepen, taststokken of markeringsstickers.

Wat zie je als je blind bent?

Het lijkt een vreemde vraag, want veel mensen denken dat iemand die blind is niets ziet. Toch is dit niet helemaal waar. Zoals de definitie van de WHO al zegt, wordt blindheid gedefinieerd als iemand minder dan 5% ziet en/of een ernstige beperking in het gezichtsveld heeft. Een aantal mensen dat binnen de normen van blindheid valt, ziet soms nog wel iets, bijvoorbeeld het verschil tussen donker en licht.

Handige tips voor de omgang met blinden en slechtzienden

  • Vertel wie u bent als u een gesprek begint.
  • Noem ook de naam van de persoon tegen wie u begint te praten.
  • Vertel wat u gaat doen en raak iemand niet zomaar aan.
  • Vraag eerst of u kunt helpen. Als dit niet zo is, dring dan niet aan.
  • Woorden als ‘zien’ en ‘kijken’ kunt u gerust gebruiken. Blinden en slechtzienden doen dit ook.
  • Als u iets wilt laten ‘zien’, leg dan het voorwerp in iemands handen.
  • Een knikje of glimlach wordt niet gezien, reageer daarom met woorden.
  • Als u vertrekt is het handig dit te vertellen, anders blijft iemand doorpraten.
  • De voorkeur van begeleiding van iemand die blind of slechtziend is, verschilt per persoon. Zo kan iemand zijn hand op uw elleboog leggen of liever zijn arm bij u inhaken. Heldere aanwijzingen zijn belangrijk. Gebruik daarom geen woorden als hier, daar, dit, verderop, etc.